Achter architectuur zit altijd een verhaal

Een kennismaking met de ideeën  van de ontwerpers brengt dat verhaal tot leven. Er zijn bouwwerken die aan gesloten burchten doen denken, terwijl andere bijna doorzichtig zijn. Soms hebben we het gevoel dat objecten echt in hun omgeving  passen. Maar ook zien we vormen die scherp contrasteren met hun naaste omgeving. Waarom?

J.D. Zocher jr., Waterpartij met brug in het park van buitenplaats De Breul in Zeist (1833). De romantische uitstraling wordt nog steeds door velen aantrekkelijk gevonden.

M. de Klerk, woningcomplex Het Schip Amsterdam (1917-1921). Arbeiderswoningen in mondain design.

A.J. Kropholler, raadhuis Leidschendam (1939-1940). Traditionele gezagsverhou-dingen verpakt in traditionele vormen.

J. Duiker, nazorgkolonie Zonnestraat Hilver-sum (1919-1932). Met zijn lichte en luchtige uitstraling sloot het gebouw aan bij de ideeën over genezing van TBC-patienten.

Wat geeft de 19de eeuwse parken zo’n bijzondere uitstraling? En hoe werkt de maatschappelijke ‘ímpact’ van architectuur:  de Amsterdamse School bracht de lagere inkomensklassen in aanraking met een beter bestaan door middel van sociale woningbouw, uitgevoerd in mondain design, terwijl architect Kropholler traditionele gezagsverhoudingen verpakte in gebouwen waarin traditionele vormen werden uitvergroot. En hoe gaf sanatorium Zonnestraal genezende TBC  patiënten uitzicht op een gezonder leven? Voor wie zich in dit soort thema’s wil verdiepen vormt deze website een belangrijke vraagbaak.
Identiteitsverlies omgeving door ontoegankelijke kennis
De inrichting van de gebouwde omgeving staat in Nederland op een hoog  peil. Velen kennen beroemde, in hun tijd vaak spectaculaire projecten, zoals Zocher’s Vondelpark en de Beurs van Berlage in Amsterdam, Dudok’s stadhuis in Hilversum of Brinkman en Van der Vlugt’s Van Nellefabriek en Piet Bloms kubuswoningen in Rotterdam. Veel andere namen echter, ook van ontwerpers van wie het werk zeer gewaardeerd wordt, raken slechts in vakkringen bekend en verdwijnen naderhand weer uit het gezichtsveld. De meeste architecten die Berlages hogelijk gewaardeerde plan Amsterdam-Zuid bebouwden, zijn thans vergeten; hetzelfde geldt voor hen die Van Eesterens wereldberoemde Algemeen Uitbreidingsplan Amsterdam zijn gezicht gaven. Zeker wanneer er geen archieven meer resten, is het moeilijk van zulke ontwerpers de oeuvres te reconstrueren en de uitgangspunten te achterhalen waarop zij hun ontwerpbeslissingen  baseerden. Zo verliest de omgeving langzamerhand een stukje identiteit.
 
De rol van BONAS: inventariseren en ontsluiten
Sinds de jaren ’90 van de vorige eeuw doet BONAS onderzoek naar het werk van de belangrijkste Nederlandse ‘omgevingsontwerpers’. Het onderzoek is tweeledig. Enerzijds worden de oeuvres van deze ontwerpers geïnventariseerd en beschreven en wordt er een essay aan hen gewijd. Anderzijds worden tijdschriftartikelen, boeken en archiefmateriaal ten behoeve van deze oeuvrelijsten ontsloten. Daarmee is BONAS het belangrijkste kennisportaal in Nederland als het gaat om documentatie over het werk van Nederlandse (interieur-)architecten, tuin- en landschapsontwerpers en stedenbouwkundigen.
Archieven  van ontwerpers bevinden zich bij verschillende instellingen, de meeste  bij Het Nieuwe Instituut in Rotterdam, maar ook bij het Nationaal  Archief, regionale, stedelijke en plaatselijke archieven. Het bijzondere van BONAS is dat het een totaaloverzicht biedt: ontwerpers en hun werk worden in kaart gebracht, ongeacht of er archief is of waar zich dit bevindt. Indien mogelijk wordt doorverwezen naar archieven. maar aan de hand van literatuuronderzoek wordt ook werk geïnventariseerd van  ontwerpers van wie het archief verloren is gegaan. Een voorbeeld vormt  het werk van de Haagse architect Johannes Mutters jr. (1858-1930). Hij stond aan de wieg van de ontwikkeling van Wassenaar, maar zijn archief  is verloren gegaan en als architect raakte hij vergeten. Aan de hand van onderzoek in gemeente- en privé-archieven wordt, op initiatief van  BONAS, zijn oeuvre geïnventariseerd en komt het verhaal achter zijn gebouwen weer tot leven. Veel van zijn werk is thans als gemeentelijk en rijksmonument geboekstaafd.

De mensen achter BONAS

Bestuur:
Constant van Nispen (voorzitter)
Ros Floor (secretaris)
Sierd Roosje (penningmeester)
André van Deursen
Imke van Hellemondt
Redactie BONAS-boekenreeks:
Juliette Roding (hoofdredactie)
Johanna Karssen-Schüürmann
Heino van Rijnberk
Onderzoekers:
Bene Colenbrander
  • Ben Ingwersen 1921-1996
Mart Franken
  • J.M. van Hardeveld 1891-1953
David Geneste
  • Gijsbert Friedhoff 1892-1970
Jan Goossensen
  • Karel Sijmons 1908-1989
Alice Gut
  • Frants Röntgen 1904-1980
Remco van der Kuijp
  • G.B. Salm 1831-1897
  • A. Salm GBzn 1857-1915
Marianne van Lidth de Jeude
  • Hein Otto 1916-1994
Laura Plezier
  • Henri van Anrooy 1885-1964
Pauline van Roosmalen
  • Henri Estourgie 1885-1964
  • Jean Estourgie 1927
Willem Ruyters
  • P.G. Buskens 1872-1939
Mieke Sipkes
  • J.H.W.C. Pot 1909-1997
  • J.F. Pot-Keegstra 1908-1997
Frank en Adam Smit
  • Dirk Brouwer 1899-1941

Angelien Snaar

  • J.A. van Straaten 1862-1920
Pieter Vlaardingerbroek
  • J. van Straaten 1781-1858
Meike Wiedemann, Kasper van Ommen& Heino van Rijnberk
  • J. de Bie Leuveling Tjeenk 1885-1940
Sanne Tillema
  • H.P. Thieme (1925-2020) en B. Thieme-Domela Nieuwenhuis (1929-1995)
Beheer Archiwijzer:
Tjeerd Boersma
Raad van Advies:
Christan Bertram
Wessel de Jonge
Freek Schmidt
Mariet Willinge
Website:

Tjeerd Boersma
ICT United