Naam: Gemeentehuis Waalwijk
Type: gemeentehuizen;
Opdrachtgever: Gemeentebestuur
Uitgevoerd: nee
Architecten: Valk, H.W., 1929, 1930;
Adres: , Waalwijk;
Archiefgegevens: PAGV/ongesorteerd;RANB-collectie Valk/199-4.1.15, 2422
Bijzonderheden:

De gemeente Waalwijk nodigde Valk uit mee te dingen in de prijsvraag "Raadhuis Waalwijk". Aan de prijsvraag deden ook de architecten Van Moorsel & Kropholler en Jos Klijnen mee. De beoordelingscommissie bestond uit de leden dr. Van Gelder, Prof. ir. M.J. Granpr? Moli?re, Cornelis Veth en de Tilburgse architect Jan van der Valk. Waarschijnlijk werd Valk benaderd naar aanleiding van zijn pas gereedgekomen kerk in dezelfde gemeente. Het grondplan en de ruimtelijke situering van de bouwmassa is groot van opzet. De bouwelementen bestaan uit een hoofdgebouw (oost-west geori?nteerd) en twee zijvleugels die haaks op het hoofdgebouw staan in een denkbeeldige Z. Hierdoor ontstaan twee bijna omsloten open, binnenruimten, een aan de westzijde van het hoofdgebouw, in het ontwerp van Valk ingericht als laagomheinde binnenplaats, en een aan de oostzijde als openbaar plein. Het snijpunt van het hoofdgebouw en noordelijke vleugel wordt gevormd door een hoge campanile met negen bouwlagen, bekroond met een tentdak en grote uivormige spits. Het hoofdgebouw heeft twaalf travee?n in vier bouwlagen: souterrain, een eerste bouwlaag, een tweede bouwlaag en een zolderverdieping onder een zadeldak met steile dakhelling. In de derde travee van de eerste bouwlaag ligt de hoofdingang, uitgevoerd met een monumentale natuurstenen omlijsting. De vensters in de eerste bouwlaag zijn samengestelde vensters met een ruitverdeling 2x6, waarbij de onderste vensterverdeling, met kalf, is voorzien van luiken. Boven de vensters zijn de boogtrommels in de ontlastingsbogen van de muuropeningen gemetseld in decoratief vlechtwerk. De vensters in de tweede bouwlaag hebben een ruitverdeling van 2 x 7. Ook hier zijn de onderste vensters openslaande ramen, met kalf, voorzien van luiken. Op de zolderverieping zijn ter hoogte van de hoge vensters van de tweede bouwlaag, dakkapellen aangebracht. De campanile is aan de oostzijde voorzien van een monumentale loggia. Het openbare plein wordt aan de noordzijde afgesloten door een soort poortgebouw, bestaande uit een hoge toren met hoog zadeldak en een gewelfde doorgang. De zuidvleugel bestaat uit twee bouwlagen en vijf travee?n, met een zadeldak. Op de begane grond is dit bouwelement uitgevoerd met een open arcade van afwisselend een kleine, een grote en een kleine boog. Het westelijke binnenplein is aanzienlijk soberder van uitvoering. Hier zijn de arcades voorzien van halfronde kozijnen met gemetselde borstwering. Het geheel is indrukwekkend van opzet; mogelijk zelfs wat te ambitieus. De beoordelingscommissie oordeelde dat de groepering van de gebouwen viel te prijzen, maar esthetisch hinkte het complex op twee gedachten. Het had moderne aspecten, maar de onderdelen zijn "ouderwets", vond de commissie. Vooral de grote toren zou geen architectonische eenheid vormen met de overige onderdelen. In de conclusie van de commissie zou geen van de drie ingezonden ontwerpen voor verdere uitwerking in aanmerking komen. Het college besluit echter in 1931 de gewijzigde plannen van Kropholler te aanvaarden en aan hem de opdracht te geven de ontwerpen verder uit te werken. Het stadhuis zou gebouwd worden naar ontwerp van de architect A.J. Kropholler, in 1935-1937.

Illustraties:

Literatuur wordt geladen ...