| Naam: | R.K. Kerk H. Theresia met pastorie en parochiehuis Tilburg |
| Type: | kerken; ,parochiehuizen; ,pastorie?n; |
| Opdrachtgever: | Kerkbestuur |
| Uitgevoerd: | ja |
| Bestaand: | ja |
| Architecten: | Beld, C.M.B. van den, 1937, parochiehuis-; Valk, H.W., 1929, 1937, kerk en pastorie-; Beld, C.M.B. van den, 1929, 1931, kerk en pastorie-; Valk, H.W., 1937, parochiehuis-; |
| Bijdragen: | J. Geraerts (Blerick) -uitvoering-, |
| Adres: | Theresiaplein 1, 5041 BJ, Tilburg; |
| Archiefgegevens: | PAGV/ongesorteerd;RANB-collectie Valk/199-3.97, 2332 en 3364-3365;KIDC/afb. |
De opdrachtgever voor deze kerk was pastoor W. Mutsaerts. Later zou deze bisschop van 's-Hertogenbosch worden. De aanbesteding vond plaats op 1 september 1929. Het werk werd uitgevoerd voor een bedrag van ?183.000,-. De eerste steen werd gelegd op 14 oktober 1929. In een overeenkomst met de bouwpastoor werd de Tilburgse architect C.M.B. van den Beld betrokken bij de bouw. Zijn taak, het uitwerken van de detailontwerpen van Valk en het houden van toezicht op de bouw, werd contractueel vastgelegd. Deze kerk is in haar plattegrond, vormgeving en detailering een voorbeeld van de veranderingen in de architectonische opvattingen van Valk aan het einde van de jaren dertig. De vorm van de plattegrond lijkt al te zijn be?nvloed door liturgische opvattingen van het christocentrisme; een breed middenschip en twee zijbeuken met processiegang. De transepten zijn hier breed en van gelijke hoogte als het schip. De vieringtoren is van bescheiden afmetingen en geeft het liturgisch centrum van de kerk aan. De vieringtoren heeft een kegelvormig dak, met in de trommel een venster, aan de bovenzijde afgesloten met een driepas. De vensters in de zijbeuken en de transepten zijn uitgevoerd als lancetbogen. Aan de westzijde van de kerk wordt het schip afgesloten met een brede, rechthoekige toren. Hierin bevindt zich het hoofdportaal. De midden-abside met aan beide zijden een abside heeft een bescheiden ambulatorium met kleine dubbele kolommen en vormt de afsluiting aan de oostzijde. De onderbouw van de toren, afgesloten met een verticale lijst, reikt tot aan de nok van het schip. Daarboven bevinden zich twee lancetvormige luigaten. De toren wordt bekroond met een ingesnoerde spits. De basis van de toren wordt ingesloten door de verlengde zijbeuken, in de voorgevels hiervan bevinden zich eveneens toegangen tot de kerk, maar hier van meer bescheiden afmetingen. Het westwerk wordt gecompleteerd door een tweede kleinere, vierkante toren met ingesnoerde spits. De bouw van het parochiehuis betrof een aparte opdracht. Ook hierbij was de architect C.M.B. van de Beld als co-architect en uitvoerder betrokken. Het grondplan heeft een zg. 'kruk'-vorm (T-vorm), met in de voorste deel een entree met vestibule, een vergaderzaal en een bestuurskamer, keuken, toiletten en een trap naar de eerste verdieping. In de langgerekte achterbouw treffen we de toneelzaal aan met een podium. Achter het toneel ligt een gang met enkele vergaderruimten en een trap naar de zolderruimte. Alleen de voorbouw heeft twee bouwlagen. De daken zijn uitgevoerd als 'geknikte', lage zadeldaken met ruimte overstek.