| Naam: | Nationaal concert- en operagebouw Sydney |
| Type: | concertgebouwen; |
| Opdrachtgever: | Overheid Australië |
| Uitgevoerd: | nee |
| Architecten: | Friedhoff, G., 1958; |
| Adres: | Bennelong Point, Sydney (Australië); |
| Archiefgegevens: | NAi/FRIE 1.19 (1 koker) |
In januari 1956 schreef de Australische overheid een internationale prijsvraag uit voor een 'nationaal operagebouw', te verrijzen op een idyllische locatie aan de haven van Sydney. Het programma van eisen gaf te kennen dat het gebouw twee zalen moest omvatten; één grote zaal (ongeveer 3500 bezoekers) bedoeld voor concerten, opera's en bijeenkomsten, en een kleinere zaal (ongeveer 1200 bezoekers), voor toneel, kamermuziek en lezingen. Er was geen limiet aan de kosten verbonden en er werden hoge zeer eisen gesteld aan de akoestiek, faciliteiten en de architectuur. De inzendingstermijn van de prijsvraag liet van 15 februari tot december 1956. In totaal werden er 233 ontwerpen ingestuurd, waaruit dat van de Deen Jorn Utzon uiteindelijk gekozen werd. Friedhoffs ontwerp bestond uit een rechthoekige plattegrond waarin ter weerszijde van een binnenplaats met vijver en open zuilengalerij, twee rechthoekige dozen geplaatst waren. Deze dozen, een voor de grote en kleine zaal, waren haaks op elkaar geplaatst en op verdiepingsniveau met elkaar verbonden door glazen galerijen - voor een optimaal uitzicht op de haven - waarin onder meer het restaurant en kantoorruimtes gehuisvest waren. De kleine zaal was toegankelijk vanaf de buitenzijde, terwijl de grote en hogere zaal vanuit het binnenhof toegankelijk was. Opmerkelijk was de decoratieve aankleding van de gesloten buitenwanden van de grote zaal, die Friedhoff grote geometrische motieven versierde en afsloot met een hoge balustrade. Voor de skeletconstructrie maakte hij gebruikt van gewapend beton; voor de muren van decoratief metselwerk.